16) Historie van Rotterdam (Grotemarkt)
1565-67 De Grotemarkt was oorspronkelijk een gedeelte van de Steigersgracht. In 1565-67 werd dit water overwulfd en aldus een plein, eerder nog een brug. Immers aan de kant van de Molensteeg was nog water en de bewoners daarvan konden langs trapjes naar dit water afdalen, teneinde bij brand hun emmers te kunnen volscheppen.
----
1555 Beeld van Erasmus Hier rees die groote zon en ging in Basel onder werd op het voetstuk van zijn standbeeld in gouden letters gegrift. Dit standbeeld was het eerste in ons land en het is nog steeds een der mooiste. Het heeft een geschiedenis achter zich. Het is niet hetzelfde als dat, hetwelk in 1549 werd opgericht, toen Philips II, de zoon van Karel V , voor het eerst in de Nederlanden kwam en Rotterdam bezocht. Men begroette hem met een houten beeld van Erasmus, dat met een welkomstgedicht behangen was. Zoo ingenomen waren de Rotterdammers met het standbeeld, dat ze het in het centrum van hun stad neerzetten en in 1555 nadat het water van het Steiger gedeeltelijk overwulfd was, op de daardoor ontstane Groote Markt er een definitieve plaats voor aanwezen. Helaas bleek het hout niet tegen weer en wind bestand.
Zoo groot was de bewondering en aanhankelijkheid der Rotterdammers voor Erasmus, dat ze een steenen beeld lieten vervaardigen. Dit is door de Spanjaarden onder Bossu tijdens hun schrikbewind deerlijk toegetakeld en daarna in het water geworpen. Later is door de Amsterdamse bouwmeester Hendrick de Keyser, die ook de spits van den Sint Laurenstoren ontwierp, het elken Rotterdammer vertrouwde, mooie bronzen beeld gemaakt, met het boek in de hand, waarvan Erasmus volgens het populaire gezegde een blad omslaat, wanneer hij de klok twaalf hoort slaan. De jeugdige Rotterdammers zijn pienter. Het duurt zelden lang, eer ze zich er rekenschap van geven, dat er geen kans is dat een standbeeld de klok hoort slaan.
In de achttiende en negentiende eeuw werd de markt, naar het Erasmusbeeld, ook wel aangeduid als Erasmusmarkt.
----
------
1572. “Huys in Duyzend Vreezen”, waarin de bewoners en hun buren tijdens het schrikbewind van de Spanjaarden o.l.v. Vlaming Bossu angstige dagen hebben doorgemaakt, toen ze er zich verborgen hadden. Volgens de volksmond, zouden de bewoners de deur naar Oud-Testamentisch voorbeeld met bloed besmeurd hebben, om de Spanjaarden in de waan te brengen, dat ze er al geweest waren..
Toen de Geuzen op 1 april Den Briel innamen, stond de Rotterdamse vroedschap aan de Spaanse zijde terwijl de gewone bevolking wel enige sympathie voor de Geuzen en de zaak van de prins van Oranje had. Na het verlies van Den Briel vroeg de Spaanse stadhouder Bossu om onderdak voor zijn troepen -dit stond de vroedschap toe, maar de bevolking hield de Spaanse soldaten bij de Oostpoort tegen. Zij moesten daarom de nacht voor de stad in het open veld doorbrengen. Na bemiddeling van pastoor Duifhuis konden de soldaten de volgende dag alsnog binnentrekken, in groepen van telkens veertig man. De bevolking vond dat de Spanjaarden zich hieraan niet hielden, er ontstond een handgemeen dat erin eindigde dat de Spaanse troepen ongeveer 40 Rotterdammers doodsloegen en plunderend door de stad trokken. Enkele inwoners verschansten zich in een hoekwoning op het marktplein en hadden, om de Spanjaarden te misleiden, het bloed van een geslachte bok over de drempel en stoep laten lopen. Zij zouden daar duizend angsten uitstaan.
Het pand is in 1895 gesloopt waarna het tegeltableau en de jaartalsteen in de collectie van het museum terecht zijn gekomen.

-----
1601 Hier stond de herberg “De Dubbele Witte Sleutels”. De Herberg was in het bezit van Olivier van Noort.In 1598 begon Olivier van Noort (geboren te Utrecht in 1558) aan een zeiltocht om de wereld.
----

26 Januari 1795 Vrijheidsboom
Ook in Rotterdam wordt gedanst rond een vrijheidsboom, op de Groote Markt
want als je heel goed zoekt, kun je het standbeeld van Erasmus ontdekken
en ook het torentje van het Stadhuis
Zijn voornaam was Gijsbert, koel en streng kijkt hij uit over de stad waar hij in 1762 geboren werd. Gijsbert Karel van Hogendorp werd in 1787 pensionaris van Rotterdam, een benoeming te danken aan zijn steun voor de Stadhouder tijdens de tijd van de Patriotten, net voordat de Fransen ons land binnen kwamen.
Gijsbert Karel van Hogendorp vervulde de functie tot 1795.
Bij het begin van de Franse overheersing nam Gijsbert Karel van Hogendorp net als talloze anderen ontslag
Tot 1813 leefde Gijsbert Karel van Hogendorp teruggetrokken in Den Haag als gewoon burger; maar bij het terugtrekken van
Hij heeft het tijdens en na het vertrek van de Fransen statkundig in goede banen geleid; gezorg voor een tijdelijk bewind.
nam hij een belangrijke plaats in het Nederlandse staatsbestel in. Gijsbert Karel van Hogendorp kon overigens slecht opschieten met Koning Willem I en zijn bepaald niet geringe zelfingenomenheid was daar zeker niet vreemd aan.
Met het heengaan van de ruim dertigjarige Gijsbert Karel op deze gedenkwaardige dag behoort het pensionariaat voorgoed tot het verleden. Voorlopig ook diens staatkundig optreden. Hij houdt zich verre van de "nieuwe wetgevers", die de oude constitutie verloochenen; ver ook van het volk dat kortstondig juicht en jubelt bij vreugdedansen rond de Bataafse vrijheidsboom, geplant op de Grote Markt van het vlaggende Rotterdam. Ambteloos maar allerminst werkeloos wordt de eertijds revolutionaire jongeling straks, als vijftigjarige, de grondlegger van een herboren nationaal bestel
---

In 1796 besloot het Rotterdamse stadsbestuur, onder druk van de regering, akkoord te gaan met een wervingscampagne voor de dienst in de Bataafse marine. Op de Grotemarkt werd aan de voet van de vrijheidsboom een tent opgericht. Daar konden aspirant-matrozen zich melden. Een voor die tijd forse premie van 80 gulden kregen ze dan in het handje. Toch was de toeloop niet groot. De fles moest eraan te pas komen om de Rotterdamse jongens zover te krijgen dat zij voor de dienst tekenden.
Labels: mapping